Hoe kan ik goed poetsen?

Een goede mondhygiëne staat centraal in elke behandeling bij uw tandarts en vormt steeds de goedkoopste manier om een gezond gebit te behouden. Doel is om de tandbacteriën te verwijderen die zich onvermijdelijk opstapelen tegen het tandoppervlak en tussen de tanden. Deze zijn immers de oorzaak van gaatjes en tandvleesontstekingen. Zeker wanneer er implantaten worden geplaatst, is een goede verzorging onontbeerlijk. 

Een wijdverspreide misvatting is dat goed poetsen gelijk zou zijn aan hard poetsen. Het tegendeel is waar. Te hard poetsen kan zowel de tanden als het tandvlees schaden. Goed poetsen daarentegen vraagt een dagelijkse toewijding en grote zorgvuldigheid. Bij voorkeur wordt er 2 maal per dag gepoetst gedurende 10 minuten en volgens een bepaalde volgorde:

1. Tussen de tanden 
2. Vlakken aan de binnenzijde (tongzijde) met een soloborstel
3. Alle vlakken met een manuele of elektrische tandenborstel. 

Onderstaand volgt een gedetailleerde beschrijving over het gebruik van de verschillende borstels. 


1. Tussen de tanden poetsen

Interdentale borsteltjes of ragers

Waar: Dienen om interdentale ruimten te reinigen waar de opening tussen de tanden groot genoeg is.

Techniek: Neem het borsteltje vast tussen duim en wijsvinger en richt het borsteltje naar de ruimte tussen de tanden. Indien het borsteltjes niet onmiddellijk tussen de tanden glijdt, probeer de inzetrichting aan te passen ipv. de kracht te verhogen. Ga vervolgens de interdentale ruimte in en maak vervolgens een zagende (in- en uitgaande) beweging. Terwijl deze beweging wordt uitgevoerd, mag er een lichte druk naar links en daarna naar rechts worden uitgeoefend zodat de contour van de tand gevolgd kan worden. Herhaal deze beweging een 10-tal keer. Werk van achter naar voor en herhaal dit proces tussen alle tanden. 

Kenmerken: Er bestaan verschillende interdentale borsteltjes in verschillende grootten, met een gebogen of rechte steel. De borstels kunnen gebruikt worden tot de haren krom gaan staan. Gemiddeld kunnen we stellen dat een borsteltje maximaal 1-2 weken kan meegaan.  

Tandenstokers

Waar: Te gebruiken in de interdentale ruimten waar interdentale borsteltjes niet door geraken.

Techniek: Neem de tandenstoker vast tussen duim en wijsvinger. Tandenstokers hebben een driehoekige vorm, bestaande uit een korte zijde en twee lange zijden die eindigen in een punt. Het is belangrijk om de korte platte zijde steeds naar het tandvlees te richten, het alternatief is immers om de scherpe zijde naar het tandvlees te richten met gevaar om in het tandvlees te snijden. De tandenstoker wordt ingebracht in de interdentale ruimte. Hierbij mag het tandvlees in de papil licht omlaag gedrukt worden. Ga vervolgens in de interdentale ruimte en maak een zagende (in- en uitgaande) beweging. Terwijl deze beweging wordt uitgevoerd, mag er een lichte druk naar links en daarna naar rechts worden uitgeoefend zodat de contour van de tand gevolgd kan worden. Herhaal deze beweging een 10-tal keer. Werk van achter naar voor en herhaal dit proces tussen alle tanden. Tip: tandenstokers hebben de neiging snel te breken, maak ze voor het gebruik even nat. Op deze manier worden ze buigzamer. 

Kenmerken: Tandenstokers zijn steeds driehoekig van vorm. Ronde houten stokjes zijn kaasprikkertjes en kunnen niet worden gebruikt om de tanden te reinigen.

Tandfloss

Waar: Te gebruiken op plaatsen waar andere tandenstokers en interdentale borsteltjes niet tussen kunnen. Flossen is immers zeer arbeidsintensief en haalt bij de meeste patiënten niet het gewenste rendement!

Techniek: Neem voldoende tandfloss. Rol de flossdraad enkele keren rond de wijsvingers aan beide handen en neem hem vast tussen duimen en wijsvingers. Schuif de flossdraad met een zagende beweging over het contactpunt tussen twee tanden. Plaats de flossdraad vervolgens tussen het tandvlees en de tand en oefen opnieuw een zagende beweging uit tegen de tand terwijl er langzaam richting kroon wordt bewogen. Maak de zagende beweging nooit richting tandvlees! Zorg ervoor dat er minstens 10 maal op en neer wordt gegaan en doe vervolgens hetzelfde met de buurtand. Werk van achter naar voor en herhaal dit proces tussen alle tanden. 

2. Soloborstel


Waar: Reinigt de vlakken van de tanden aan de tongzijde daar waar de ‘klassieke’ tandenborstel onvoldoende geraakt. Dit heeft te maken met de kromming van de tandenboog. Een tweede indicatie is het reinigen van kleine oppervlakken waar de ‘klassieke’ tandenborstel niet kan komen zonder het tandvlees te beschadigen, zoals op plaatsen waar het tandvlees lokaal is teruggetrokken.

Techniek: Neem de soloborstel vast zoals een pen of zoals een baar om u zelf aan op te trekken. Hou de tandenborstel loodrecht tegen de tand. Zorg ervoor dat de haren tot tegen de tandvleesrand komen. Vermijd het borstelen van het tandvlees zelf! Maak kleine cirkeltjes op 1 tand. Begin achteraan, werk tand per tand af en schuif telkens 1 tand op naar het midden. Per tand moeten er 10 cirkeltjes gemaakt worden. 

3. Tandenborstel

Manuele tandenborstel


Waar: Reinigt de vlakken aan de lipzijde, boven op de tanden en aan de tongzijde, reinigt (ondanks wat de reclame beweert) niet tussen de tanden.

Techniek: Hou de tandenborstel loodrecht tegen de tand. Maak kleine cirkeltjes en focus op 1 tand. Zorg ervoor dat de haren tot tegen het tandvlees komen. Vermijd het borstelen van het tandvlees zelf! Begin achteraan, werk tand per tand af en schuif telkens 1 tand op naar het midden. Per tand dienen er 10 cirkeltjes gemaakt worden. Begin met de buitenvlakken en werk nadien de binnenkant af.

Kenmerken: De ideale tandenborstel heeft een klein kopje, haren die allemaal even lang zijn en niet te hard (‘medium’ of ‘soft’) zijn en waar je niet kan doorkijken. Te gebruiken in combinatie met een fluoride bevattende tandpasta.

Elektrische tandenborstel


Waar: reinigt de vlakken aan de lipzijde, boven op de tanden en aan de tongzijde, reinigt (ondanks wat de reclame beweert) niet tussen de tanden.

Techniek: Hou de tandenborstel loodrecht tegen de tand. Zorg ervoor dat de haren tot tegen de tandvleesrand komen. Vermijd het borstelen van het tandvlees zelf! Zet de tandenborstel aan en laat hem gedurende 10 seconden draaien op één tandvlak. Hierbij dient er geen schrobbende beweging gemaakt te worden. Laat de tandenborstel zelf het werk doen. Begin achteraan, werk tand per tand af en schuif telkens 1 tand op naar het midden. Begin met de buitenvlakken en werk nadien de binnenkant af.

Kenmerken: De ideale elektrische tandenborstel heeft een klein rond kopje, haren allemaal even lang en maakt draaiende en/of oscillerende beweging (Oral-B). Te gebruiken in combinatie met een fluoride bevattende tandpasta.

Mondspoelmiddelen

•   Fluorwater: Fluorwater wordt voorgeschreven om tandhalsgevoeligheid en cariës op te vangen. Spoel hiermee om extra fluor in te bouwen in het tandglazuur en worteldentine. Spoel bij voorkeur voor het slapengaan en laat tussen het tandenpoetsen en het spoelen minstens een half uur tijd tussen.

•   Perio-aid en Curasept: Mondspoelmiddelen op basis van Chloorhexidine worden voorgeschreven als chemische plakbestrijder. Vanwege de nadelen ervan (verkleuring van de tanden, smaakverlies, parotiszwelling, erosies en verhoogde tandsteenvorming) wordt dit mondspoelmiddel niet systematisch voorgeschreven en alleen voor een beperkte periode (bijv. indien klassieke plaquebestrijding niet mogelijk is na een ingreep).

•   Listerine: Veel patiënten spoelen met Listerine om een fris gevoel te krijgen in de mond. Denk eraan dat de klassieke formule iets minder dan 30% alcohol bevat. Voor kinderen is dit spoelmiddel dus sowieso uit den boze en voor volwassenen zijn de langdurige effecten nog niet duidelijk (denk aan mondtumoren). Om deze reden raden wij dit mondspoelmiddel af. Recent is er een nieuwe formule op de markt gebracht, die geen alcohol meer bevat, ‘Listerine Zero’ genaamd. De werkzaamheid hiervan dient echter nog afgetoetst te worden.

Let op: mondspoelmiddelen (en tandpasta’s) dienen om te spoelen en niet om in te slikken!